Nieuwjaarstip: Runa Svetlikova

Wat moet je in 2018 zeker herbeluisteren uit het aanbod van Boeken Toe? Runa Svetlikova  tipt onze Zwemmen met Lans Stroeve!

Runa Svetlikova half“Lans Stroeve kende ik niet, maar ik heb genoten van ‘Zwemmen met Lans Stroeve’. Een gegrond gesprek tussen twee intelligente mensen, vrouwen, schrijvers. Het begint enigszins kabbelend, er wordt wat gepraat aan de oppervlakte (over je woonplaats, badmode, het verschil tussen poedelen en zwemmen) maar duikt na de lezing van het gedicht naar de diepte.
In het gedicht vindt een kanteling plaats van tijd, ruimte en emotie die op een of andere manier resoneert in het gesprek tussen de twee schrijvers. Het banale, al te makkelijk zegbare, vermengd zich moeiteloos met het essentiële, onzegbare.
Het gaat over een afscheid als een aanslag, de zelfmoord van een nabije, de wenselijkheid van zo’n feit op de achterflap te zetten en of je een lezer niet te veel stuurt met die informatie. Noodzaak, identiteit, hoe je je identiteit als schrijver kunt bewaren in een tijdperk van sociale media en het schrijfproces. Alles drijft voorbij.
Over haar gedichten in de bundel
Olympisch zwemmer zegt Stroeve: ‘Een zoektocht naar de schoonheid, het licht […] ze voegen wat toe, ze gaan het gesprek met elkaar aan, er gebeurt van alles’. Zo voelt ook ‘Zwemmen met Lans Stroeve’. Ik heb er met veel genoegen naar geluisterd en ga op zoek naar Olympisch zwemmer. Fijne ontdekking.”

 

Runa Svetlikova (1982) studeerde grafisch ontwerp en taal- en letterkunde. Ze publiceert regelmatig in literaire blaadjes en staat graag op allerhande podia en voor de (schrijf)klas. Haar debuut Deze zachte witte kamer (Marmer, 2014) won de Herman De Coninckdebuutprijs, de Jo Peters Poëzieprijs en de Europese Bridges of Struga debuutprijs. Haar nieuwe bundel ‘Drieëntwintig tips om de hond en je demonen aan de lijn te houden’ verschijnt ook bij Marmer in februari 2017. Het is een zelfhulpboek voor mensen met een hekel aan zelfhulpboeken en een dichtbundel voor mensen met een hekel aan poëzie.

(foto Hadewijch Veys)

 

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *